was successfully added to your cart.

LELYSTAD GEEFT LUCHT AAN ONDERNEMERS

By 23 juli 2015Gemeente, Werken
“Er gebeuren opvallende dingen in Lelystad. Het collegeprogramma laat – als één van de weinige gemeenten in Nederland – zien dat het menens is in Lelystad. ‘Lelystad transformeert; bestuur en organisatie kiezen nadrukkelijk voor een andere rol. Men wil meer met minder, het sociale domein is niet meer los te zien van onze economische ontwikkeling. Arbeidsmarkt en leefomgeving ze hebben alles met elkaar te maken. In zes duidelijke programma’s laat Lelystad zien dat er oog is voor de andere rol van de overheid.En het is dan ook mooi dat je de mensen mee laat praten over bezuinigingen. De bestuurders van Lelystad gaan minder uit van zekerheden en een maakbare wereld. Dat kan leiden tot meer tegenstellingen en grotere verschillen en tegelijkertijd wel grotere betrokkenheid. Je kunt dit niet zo maar ventileren. Deze uitdagende teksten leiden tot verwachtingen. De vraag is hoe Lelystad hier in de praktijk mee om gaat. Je moet bijvoorbeeld niet al je kaarten zetten op de vliegveldontwikkelingen of de lieveling van de Metropool Amsterdam (MRA) willen worden.  Met al die concurrenten moet je je blijven onderscheiden en Lelystad dus stevig neerzetten. Het is nu tijd voor een statement. Denk bijvoorbeeld aan echt minder lasten en regels voor de ondernemers. Weg met de vergunningen, precariorechten, bestemmingsplannen en andere verplichtingen. Geef de kansenpakkers een duwtje in de rug en stimuleer nieuwe initiatieven. Zorg voor de ruimte en het applaus. Dat doe je allemaal wel met een visie. De bekende stip op de horizon. Lelystad heeft die in haar slogan verstopt.  Maak van je slogan een feit;  “Lelystad geeft (letterlijk en figuurlijk) lucht….! “ Aan het woord is de senior projectleider Koos van Dijken van Platform31. De kennis en netwerk organisatie voor stedelijke en regionale ontwikkelingen. Deze organisatie heeft vorig jaar de collegeakkoorden van de G4 en G32 gemeenten gelezen en geanalyseerd. De onderzoeker is erg te spreken over de manier waarop Lelystad meer en meer het initiatief voor beleid en de uitvoering bij de inwoners en organisaties wil leggen; door ruimte te geven, een open bestuursstijl en meer burgerinitiatieven. Door de ambtelijke organisatie, het college en de raad “in de juiste stand te zetten”. Op deze manier ontstaat er een aantrekkelijk perspectief van vitale en een weerbare lokale samenleving. Een samenleving van ondernemers in de ruimste zin van het woord, aldus de onderzoeker. Platform31 heeft vóór de gemeenteraadsverkiezingen voor 20 steden de trends en ontwikkelingen onderzocht. Hiermee hadden de nieuwe gemeentebesturen een solide basis voor hun nieuwe collegeprogramma’s. Ná de verkiezingen hebben Van Dijken en een collega de collegeprogramma’s van 32 nieuwe gemeentebesturen geanalyseerd.  Dit alles maakt dat Van Dijken kan beschikken over veel vergelijkingsmateriaal. De bestuurlijke houding van Lelystad spreekt de onderzoeker aan. “Als de wethouder economische zaken, de heer Jop Fackeldey, bijvoorbeeld één dag in de week beschikbaar en bereikbaar is op het ondernemersplein, dan voer je het collegeprogramma consistent uit. Als je dan ook nog het besturen van de stad terugbrengt naar begrijpelijke gereduceerde programma’s, dan zet je de goede stappen . Er mogen ook wel een paar onsjes bij. De MRA is niet de enige troefkaart en het vliegveld ook niet. Lelystad kan zich positief origineel onderscheiden. Lelystad heeft haar ligging en verbindingen als voordeel. De inwoners zijn tevreden en ook trots op hun stad, maar ze zijn ook kritisch. Lelystad heeft al eerder een statement gemaakt. Dat was met de bouw en komst van een uitzonderlijk theater, het Agora-theater. Langs deze gedurfde en originele weg kan men verder gaan. Ook nu weer liggen er kansen voor Lelystad. Je kunt het niet meer alleen als overheid. Er is steeds meer sprake van horizontale verhoudingen. Nodig de partijen uit om aan te haken bij de ontwikkelingen. “Go with the flow, vanuit je eigen idee!” Het is nu de tijd om de slogan “Lelystad geeft lucht !”, serieus op te pakken. Lelystad heeft prima instrumenten in handen om zo’n cultuuromslag te bewerkstelligen. Geef op elk beleidsterrein maximale lucht en stop met bijvoorbeeld de welstandscommissie, geef regels een bepaalde looptijd zodat ze niet automatisch blijven bestaan als ze hun functie al lang hebben verloren, maak functiemenging overal mogelijk, ruim vergunningen op of geef ze een onbeperkte geldigheidsduur. De stip op de Lelystadse horizon is juist die lucht. Je moet daarbij wel uitleggen waarom je als gemeente zoveel lucht en dus ruimte geeft aan de verschillende partijen. Wij stimuleren ondernemerschap en burgerinitiatieven; wij willen zo veel mogelijk eventuele belemmeringen wegnemen. Met een rechte rug en de getoonde lef in het Lelystadse collegeprogramma moet het kunnen. Dus niet besluiten wat je niet wilt, maar wat je wel wilt !”, aldus onderzoeker Van Dijken.

Het Lelystads collegeprogramma in de praktijk

De eerste duidelijke signalen dienen zich voorzichtig aan in Lelystad. De stad doet stedelijke vernieuwing op uitnodiging van partijen en gaat bij haar contacten met de inwoners niet uit van blauwdrukken. Lelystad wil een gemeente zijn die open met de burgers communiceert, open problemen bespreekt en aanpakt en open verantwoording aflegt. Openheid is een voorwaarde voor het vertrouwen tussen burger en overheid, en is ook een voorwaarde voor effectieve burgerparticipatie. Een burger kan pas goed participeren als zij of hij over dezelfde informatie kan beschikken als de overheid. Daarnaast biedt het delen van informatie kansen tot innovatie en het bereiken van economische meerwaarde. Met deze visie voor ogen is Lelystad in 2014 gestart met het Actieplan Open Gemeente. De uitvoering van het plan ligt globaal op schema. De benoemde deelprojecten kunnen allemaal eind 2016 gereed zijn. Het belangrijkste zichtbare resultaat is het open dataportaal van de gemeente, te bekijken op www.lelystad.nl/opendata. In dit portaal worden op dit moment 127 datasets gepubliceerd over uiteenlopende onderwerpen. De aangeboden data wordt automatisch geactualiseerd door de gegevens op te halen uit de informatiesystemen van de gemeente. Lelystad is daarmee qua techniek en qua hoeveelheid data ver gevorderd voor een middelgrote gemeente. Wethouder Fackeldey over het Open Data platform: “De huidige onderwerpen zijn gekozen op basis van veel voorkomende informatieverzoeken aan de gemeente, maar we horen ook graag van onze inwoners zelf welke gegevens zij nog meer als Open Data aangeboden willen zien. Zij kunnen ons dat via het Open Data platform laten weten.  Ook kunnen zij laten weten wat hun ervaringen zijn met het gebruik van de aangeboden data, of deze eenvoudig gecombineerd kunnen worden met andere gegevens en of deze  opgenomen kunnen worden in webapplicaties of apps. Ook als gegevens niet blijken te kloppen, kunnen gebruikers dit melden.” Een ander voorbeeld: de  veranderingen in onder andere de  Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Wethouder Janneke Sparreboom over de Wmo:  “Er is in Lelystad door heel veel mensen werk verzet de afgelopen periode. In de eerste fase van oktober 2014 tot maart 2015 hebben medewerkers  van de Sociale Wijkteams vooral  gesprekken gevoerd met de mensen die overgingen van de AWBZ naar de Wmo. We hebben alle mensen, ongeveer 1200, persoonlijk gesproken in een paar maanden tijd. Tijdens die gesprekken is gekeken naar de behoefte aan ondersteuning, hoe  men daar zelf een rol in kan spelen, welke rol zijn/haar omgeving/netwerk kan spelen, hoe vrijwilligers ingezet kunnen worden  en vervolgens of er professionele ondersteuning nodig is en welke ondersteuning dan nodig is. De Lelystadse professionals hebben dit met veel inzet en motivatie gedaan. En er is gebleken dat de inwoners van Lelystad openstaan om mee te bewegen met de nieuwe ontwikkelingen. De manier van aanbesteden in Lelystad is uniek. We hebben voor de dagbesteding vier hoofdaannemers geselecteerd, per aandachtsgebied één, die kennis hebben op een specifiek terrein: ouderen, inwoners met een lichamelijke beperking, inwoners met een licht verstandelijke beperking en inwoners met een psychiatrische aandoening. Voor de ondersteuning thuis zijn er drie hoofdaannemers geselecteerd, die verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van de inwoners in een bepaald stadsdeel.  Deze hoofdaannemers zorgen voor een breed aanbod. Om alle vormen van ondersteuning  te kunnen bieden, werken ze samen met verschillende andere aanbieders (die door de hoofdaannemers als onderaannemers worden ingezet). De hoofdaannemers  ontvangen een vooraf vastgesteld jaarbudget en hebben  de ruimte en de verantwoordelijkheid om met dit budget maatwerk en passende ondersteuning te bieden. Lelystad rekent niet af op productie en zo heeft Lelystad dus geen open eind financiering. Het gaat er om dat er met minder middelen toch een efficiënte ondersteuningsstructuur blijft bestaan, waarbij het accent ligt op zelfredzaamheid en participatie van inwoners, op inzet van (zorg)vrijwilligers en mantelzorgondersteuning en goede basisvoorzieningen”. Volgen we het collegeprogramma dan zien we dat ook mensen met een arbeidsbeperking  volop kansen krijgen in Lelystad om weer aan het werk te kunnen. Alle krachten met de werkgevers en sociale partners zijn gebundeld in wat men noemt “De onderneming”.  Het succes lijkt nu al verzekerd ! Bij het in 2013 opgerichte Werkbedrijf zijn alle reïntegratie-activiteiten ondergebracht. Volgens wethouder John van den Heuvel staan er  regelmatig  raadsleden en bestuurders van elders op de stoep, om te kijken hoe zijn gemeente de Participatiewet uitvoert. Lelystad sloeg een nieuwe richting in, zodra de contouren van de (gesneuvelde) Wet Werken naar Vermogen zichtbaar werden. ‘Aanvankelijk werd vooral geïnvesteerd in bijstandscliënten met een arbeidsvermogen van 50 tot 80 procent. In de doorontwikkeling van het Werkbedrijf Lelystad is sprake van een doelgroep verbreding naar cliënten met een arbeidscapaciteit van 1 tot 100 procent.’ Voor cliënten die alleen in een beschutte omgeving floreren, wordt een oplossing gezocht in vrijwilligerswerk of het zorgcircuit. ‘Uit de uitvoering hebben we ons als gemeente geheel teruggetrokken,’ aldus Van den Heuvel. Het Werkbedrijf maakt voor de uitvoering van de werkzaamheden gebruik van de infrastructuur van Concern voor Werk. Onder hetzelfde dak in Lelystad zit een praktijkschool van het speciaal onderwijs, waar 12 tot 18-jarigen werken wordt bijgebracht, in combinatie met zelfredzaamheid. De onderlinge lijnen zijn zo dus kort. Lelystad investeert in haar toekomst. Als een van de grootste Nederlandse gemeenten – is sinds 2010 voortvarend te werk gegaan om de kwaliteit van de voor- en vroegschoolse educatie (VVE) te verbeteren. De gemeente werkt nauw samen met SKL Kinderopvang, de onderwijspartijen, Icare, de FlevoMeer Bibliotheek en Welzijn Lelystad. Zo zijn er integrale afspraken gemaakt gericht op zowel pedagogisch medewerkers en leerkrachten, als peuters, kleuters en hun ouders, om taalachterstanden bij jonge kinderen van 2 tot 6 jaar aan te pakken. Wethouder Elly van Wageningen van onderwijs: “De afgelopen jaren is hard gewerkt door de leidsters en leerkrachten van de voorscholen om de kinderen een betere start op de basisschool te geven. Zij hebben onder andere hun taalvaardigheid verbeterd en voldoen daarmee aan het - door het ministerie van OCW - vastgestelde Hbo-taalniveau.” Volgens het inspectierapport mei 2014 is de aanpak in Lelystad een voorbeeld voor anderen, omdat de gemeente met SKL Kinderopvang afspraken heeft gemaakt over zowel een integraal VVE-programma, het gebruik van een observatiesysteem als over het gebruik van aanvullende programma’s. Alle voorscholen gebruiken bijvoorbeeld het VVE-programma Kaleidoscoop. Daarnaast maakt de ligging en samenwerking tussen onder andere de provincie en de gemeente het mogelijk nieuwe economische impulsen aan te boren. Flevokust is een nieuw te realiseren buitendijkse overslaghaven met een binnendijks haven gebonden industrieterrein ten noorden van Lelystad. Het komt te liggen op het kruispunt van hoofdvaarroutes naar het westen en noorden. Met een op- en overslaghaven, waar containers per binnenschip aankomen en per truck of trein naar het directe achterland getransporteerd worden. Wethouder Ed Rentenaar: “Flevokust ligt centraal in Nederland, aan twee diepe vaarwaterroutes, aan het spoor, nabij de A6 en in de nabijheid van luchthaven Amsterdam Airport Lelystad. Bovendien ligt naast Flevokust de Maxima Centrale. De Maxima Centrale behoort tot de wereldtop als het gaat om schone energie opwekken en leveren. Zij kan door haar naaste ligging grote stroomeenheden leveren aan bedrijven die zich vestigen op het haven gebonden bedrijventerrein Flevokust”. De gemeenteraadsleden hebben hun vleugels uitgeslagen en werken in de vorm van “Buitenraden” aan een hechter contact met de inwoners en de organisaties op locaties buiten het stadhuis. Niet alleen de eigen inwoners participeren en zijn gesprekspartner van de lokale overheid. De wisselwerking gaat verder. Ook toeristen weten inmiddels de weg naar Lelystad te vinden. Alleen al op het terrein van het toerisme was Lelystad in 2013 al goed voor 35% van de bezoekers en de bestedingen in de provincie Flevoland ( € 2,7 miljoen). Winkelbestedingen hebben verreweg de grootste impact (circa € 103 miljoen, 50% van de bestedingen), wat voor het overgrote deel voor rekening komt van Batavia Stad. Met € 50 miljoen aan bestedingen scoort ook de horecasector goed. Met name de middelgrote attracties en de natuurgerichte openluchtrecreatie stijgen met respectievelijk 15 en 18%. Lelystad heeft door al deze ontwikkelingen – naast nog eens de komst van een tweede Schiphol bij vliegveld Lelystad - troeven in handen om met 76.000 trotse inwoners en ruim 4 miljoen bezoekers per jaar echt te transformeren en lucht te geven aan elke ondernemersgeest.